LIVE REPORTING POKERNIEUWS

 

Toen ik in 1998 begon als profspeler was poker lang niet zo groot als het nu is. Sterker: de overgrote meerderheid van de Nederlanders had zelfs geen idee wat poker nu precies inhield – laat staan dat men besefte dat deze tak van sport op professionele wijze zou kunnen worden bedreven.

Als ik de buitenwereld poogde uit te leggen wat ik deed, en dat ik niet zoals bij roulette of punto banco puur aan het gokken was, kreeg ik gewoonlijk blank stares. Maar zelfs bij de enkeling die wel begreep dat gokken met een edge toch echt iets anders is dan gokken zonder edge, kreeg ik alsnog steevast de eindvraag: Ben je verslaafd?

Mijn antwoord destijds was altijd als volgt: “Zoals ik het zie, ben ik toch vooral verslaafd aan winnen. Ik speel dag in dag uit poker omdat ik zo goed mogelijk wil worden, en omdat ik maximale ervaring in het spel wil verkrijgen zodat ik op termijn het allerbeste uit mijn mogelijkheden zal halen – en dus ook maximale roem of rijkdom zal kunnen verwerven. Vanaf mijn eerste begin als prof heb ik altijd prima met poker verdiend, en vind ik het spel mede zo leuk omdat ik er best goed in ben. Maar of ik echt niet verslaafd ben, dat kan ik pas beoordelen als het moment gekomen is dat ik de games niet meer kan verslaan. Als ik ook één van die mensen ga worden die behoren tot de groep verliesgevende pokerspelers, en ik vind ook niet op andere wijze vreugde of voldoening uit het pokerspel die deze verliezen kunnen rechtvaardigen of billijken. Nou, als ik op dat moment toch niet zou kunnen stoppen, dan zal de conclusie gerechtvaardigd zijn dat ik inderdaad al die tijd verslaafd ben geweest. Maar totop dat moment zie ik mijzelf toch vooral als een topprofessional die gewoon het maximale uit zijn kwaliteiten probeert te halen.”

En hoewel geen mens destijds iets van dit verhaal snapte (omdat het toch vooral het verhaal lijkt te zijn van iemand die een verslaving niet wil erkennen, en deze met veel omhaal van woorden probeert weg te poetsen), tot op de dag van vandaag sta ik nog steeds volledig achter deze visie.

Dat gezegd hebbende: na jarenlange ervaring aan verschillende kanten van de pokertafel ben ik er zeker van dat poker wel degelijk veel potentieel verslavende aspecten in zich herbergt. Hoe dit precies voor de gemiddelde of recreatieve speler werkt, kan ik niet beoordelen. (Immers, ik behoor tot geen van beide groepen.) Maar ik kan wel vertellen hoe dit voor mij persoonlijk heeft gewerkt.

Verslaafd aan succes

Toen ik begon als pokerprof, was ik een gedreven en ambitieuze jongen met weliswaar veel zelfvertrouwen, maar ook een klein ego. Ik wilde een zo goed mogelijke speler worden, en om dat pad te bewandelen schaamde ik mij niet om in kleine games te spelen, om shortstacked te pokeren, of om simpelweg te stoppen in een partij wanneer ik de tegenstand te sterk vond.

Meer en meer werd mijn leergierigheid en discipline beloond – tot het punt waarop ik steeds meer werd gezien als de ‘Golden Boy’. Er was in heel Nederland maar één legaal casino, namelijk het HC Amsterdam… en daar was ik de grootste winnaar!

Een paar jaar lang kon ik genieten van deze local hero status. Eerst genoot ik nog puur van het feit dat ik veel verdiende, en kon alles wat daarbij kwam mij eigenlijk gestolen worden. Maar langzamerhand begon ik ook meer en meer te genieten van mijn gegroeide status. Ik ging steeds iets meer in mijn eigen grootsheid geloven! Nu ik over zo lange tijd alle aanvallen van nieuwe spelers op mijn ‘troon’ succesvol had weten af te slaan, begon ik mij meer en meer te zien als onaantastbaar.

Echter, zoals in iedere sport, geldt ook in poker: Je dient je te allen tijde te blijven ontwikkelen. En alleen omdat je onder bepaalde omstandigheden, in een bepaalde omgeving, en in een bepaald soort spel excelleert, betekent niet dat je die status ook automatisch zal kunnen behouden wanneer die omstandigheden wijzigen.

Toen internetpoker opkwam, vond ik het dan ook volstrekt logisch dat ik ook daar mij zou ontwikkelen tot een grote winnaar. (Wat mij de eerste jaren na de overstap vanuit het live poker ook direct lukte.) En ook mijn overstap van cash game poker naar toernooipoker ging gigantisch soepel. Terwijl mijn toernooitactiek nog verre van uitgekristalliseerd was, won ik het feitelijk allereerste grote live toernooi uit mijn carrière, de Dutch Open van 2005. Ik kreeg van alle kanten media-aandacht, mijn Amerikaanse strategiecolumns waren een succes, en alles ging altijd maar goed. Mijn eerste internationale toernooi was zelf een gigantisch schot in de roos, toen ik via absoluut Kamikazepoker mij naar een 5e plaats op het Main Event van de Master Classics wist te beuken. En dat voor het oog van heel televisiekijkend Nederland: het eerste vrijwel live & op prime time uitgezonden pokertoernooi, op tv gebracht met slechts één dagje vertraging, en Rolf was daarin de grote attractie.

Mijn roem snelde mij verder vooruit – ondanks dat mijn internettactieken & toernooistrategieën een stuk minder onfeilbaar waren dan mijn vrijwel niet te exploiteren live cash game tactiek. Mijn successen aan de tafels, mijn internationale sponsorcontract en het succes van mijn pot-limit Omaha boeken: het kon allemaal niet op!

Echter, mogelijk is het juist in die periode dat ik net iets minder scherp ben geworden. Waar mijn jonge, gretige opponenten nog de honger hadden om (net als ik vroeger had gedaan!) zich volledig te focussen op het leren van nieuwe speltactieken en het denken op zo diep mogelijk niveau, daar begon ik meer en meer te genieten van mijn vergaarde roem & (ok, relatieve) rijkdom. Ik had immers bereikt wat ik wilde… toch?

Langzaam maar zeker werd ik ingehaald door de nieuwe generatie. Want hoewel mijn eigen spelniveau wel degelijk nog iets bleef groeien – mijn opponenten groeiden harder.

Gevolg: Voor het eerst kreeg ik ook zelf eens te maken met een vrij lange periode zonder aansprekende successen. Natuurlijk volstrekt logisch, kijkend naar a) het gestegen niveau bij de oppositie en b) de invloed van variantie op live toernooiresultaten. Maar het deed mij wel beseffen hoe verslavend mijn eerdere toernooisuccessen zijn geweest! Immers, wanneer je op het hoogtepunt van je roem staat en titels wint, lijkt op dat moment alles vrij vanzelfsprekend. Immers, je bent toch ook goed – en je hebt er toch ook hard voor gewerkt? Pas later zie je in hoe bevoorrecht je positie op dat moment eigenlijk was. Pas wanneer je een tijd lang niet meer die finaletafel of overwinning hebt gepakt die je vroeger zo altijd eenvoudig binnenhaalde, begin je te missen wat je eerst zo vanzelfsprekend vond. Ik kan me nog goed herinneren hoe ‘volkomen logisch’ ik het begin vorig jaar vond, toen ik voor iets van €16,000 met ontstellend veel geluk een ‘klein’ toernooitje op de Dom Classics shipte. Ik knipperde nauwelijks met mijn ogen, en ging al snel weer over tot de orde van de dag. Vergelijk dit met mijn finaletafel van gisteren in het €500 toernooi van de Breda Series of Poker. Slechts achtste werd ik, voor een bedrag dat ik vroeger niet eens serieus zou hebben genomen: €3075. En toch voelde het weer alsof ik even was waar ik ‘hoorde’ – op de plek die ik gemist had. Kortom: Verslaafd!

Verslavingen worden meestal alleen een probleem gezien indien je ze niet meer kan bekostigen, of als je de fysieke consequenties ervan niet meer aan kunt. Iemand die verslaafd is aan coke maar dit toch weet te combineren met een hoge creatieve functie waar hij meer dan genoeg verdient om zijn hang naar het witte poeder te bekostigen, die wordt slechts zelden als écht verslaafd gezien. En wie verslaafd is aan cola of red bull, tja die zal misschien af en toe wat hyper zijn – maar gezien de beperkte kosten van zo’n verslaving wordt ook deze persoon slechts zelden ingeschaald als ‘probleemgeval’.

Zo ook bij mij. Mijn eerzucht, en hang naar het continu willen blijven boeken van topprestaties is geen type verslaving dat gepaard gaat met buitengewone nadelen. Immers, omdat ik nog steeds een vrij aardig potje kan kaarten, en omdat ik natuurlijk een gesponsorde prof ben, zou je deze eigenschappen van mij juist kunnen beoordelen als positief. En als misschien wel de drijvende kracht dat ik in Nederland nog steeds op zeer behoorlijk hoog niveau sta!

Maar de afgelopen maanden hebben mij wel degelijk een iets ander inzicht gegeven in de broosheid van mijn karakterstructuur, en hoe betrouwbaar eigenlijk het evenwichtige & succesvolle beeld is dat ik door de jaren heen altijd heb willen uitstralen. Een ander inzicht dus… puur en alleen ingegeven door de tijdelijke afwezigheid van successen die ik zozeer (te zeer!) als vanzelfsprekend was gaan zien.