LIVE REPORTING POKERNIEUWS

 
Iedere week verschijnt de column van Rolf Slotboom op PokerCity.

Rolf is een van Nederlands beste pokerspelers en tevens een internationaal gewaardeerd schrijver van pokerboeken en artikelen.



Shoven = Fun… Maar Hoe Doe Je Het?

Het zal jullie niet ontgaan zijn. Het maken van een grote overbet / all-in raise, ook wel genaamd het “er in janken van je geld” – het is een frequente en populaire bezigheid geworden in het hedendaagse poker. Iemand heeft het lef je big blind aan te vallen? Paf, je keilt gewoon je hele stack erin – dat zal ze wel afleren om aan je blinden te komen.

Hoe jonger de speler, en hoe Noordelijker zijn afkomst… des te vaker zul je hem zien shoven. En ja, leuk is het zeker om gewoon al je chips preflop erin te gooien – leuk, stoer en macho. Maar wat zijn nu eigenlijk de strategisch achterliggende redenen, en hoe kun je de shove het beste gebruiken?

Ik ben zelf waarschijnlijk één van de eerste Nederlanders geweest die de overbet en de shove (twee gerelateerde speltactieken) standaard in mijn toernooiarsenaal had zitten. Na de tactieken in Wenen al reeds rond 2000 met succes te hebben uitgetest, besloot ik ze bij mijn eerste grote toernooien in Nederland in onveranderde vorm toe te passen. Wetend dat gezien mijn cashgame-achtergrond de mensen in Nederland mij kenden als een superstrakke, übertighte Rock die een avond lang alleen maar op azen zat te wachten, leek het mij een goed idee dit image te gelde te maken in de toernooien. Gebruikmakend van een nog steeds tighte tactiek waarin ik om de zoveel tijd iemand voor mijn hele stack reraiste volgens het principe “de eerste twee keer shove ik bagger, de derde keer heb ik een monsterhand” beukte ik mezelf in oktober 2005 naar de winst in de Holland Casino Pokerkampioenschappen – wat mij de eerste (officieuze) Nederlandse Kampioen ooit maakte. Mijn edge: Omdat reraises met niets nog vrij ongebruikelijk waren in Nederland en omdat mijn image strak was, hoefde ik niet te stelen om in leven te blijven – ik ging met groot succes voor de ‘resteal’ op die momenten dat ik mijn tegenstanders las op een minder sterke hand dan ze representeerden.

In een poging deze zelfde tactiek toe te passen tijdens het Master Classics Main Event in november 2006, draafde ik misschien enigszins door in mijn enthousiasme. De standaard 8 tot zelfs 15 keer de big blind raises die ik maakte, en mijn all-in reraises met niets begonnen langzaam iets aan kracht in te boeten, omdat op dat moment mijn opponenten deze strijdwijze al van mij hadden gezien uit de tijd dat ik Nederlands Kampioen was geworden (en later ook toen ik een PLO event won bij de TSOP in Enschede waar ik een soortgelijke tactiek toepaste.) Gevolg was dat ik in de eindfase van dit Main Event een flink aantal grote potten speelde, waar ik eigenlijk in alle gevallen de underdog was, in situaties waar de pot vaak een stuk groter was dan gezien de kracht van de kaarten logisch zou zijn. Echter, met Vrouwe Fortuna aan mijn zijde, wist ik mij bijna alsnog naar de grootste titel uit mijn carrière te bullyen – en in één klap was (ook internationaal) de reputatie van “Rolf de Maniak” gemaakt.

Natuurlijk vereist een zo significante verandering van iemands image ook een significante verandering in de te gebruiken speltactieken. De shove-met-niks die door mij zo vaak was toegepast – wel, het spreekt vanzelf dat ik die in Europa slechts zelden nog gebruik. (En ook in Amerika kan het niet meer, na mijn breed uitgemeten danwel bekritiseerde shove met 9?8? tegen Eric Fröhlich’s AK tijdens de 2007 World Series.) Wat ik sindsdien wel doe is shoven of grote overbet raises maken met tophanden. Waar een andere speler met een tophand als KK eerst gereraist moet worden om mogelijk al het geld er preflop in te krijgen, kan ik in de cutoff nu vrolijk 10 keer de big blind raisen met deze hand, om dan overmatige actie te krijgen van baggerhanden als AT of 66 die denken dat ik ook nu wel weer de “kleine kaartjes” zal hebben.

Kortom: Er is een directe relatie tussen iemands image en de effectiviteit van de shove. Hoe strakker je image, des te groter de kans op succes voor de shove-met-niets. (Succes betekent hier natuurlijk dat de tegenstander de beste hand foldt.) En hoe maniakaler je image, des te meer kans op succes voor de shove-met-een-monster. (Hier is de definitie van succes dan dat je krijgt afbetaalt door een mindere hand, en je dus een ideale kans hebt op een mooie double-up.)

En minstens net zo belangrijk: de effectiviteit van de shove-met-niets hangt ook af van de kenmerken van de tegenstander. De meest ideale opponent is iemand die mogelijk licht opent, en die dan respect heeft (d.w.z.: neerlegt) tegen een reraise. Minder ideale opponenten zijn zij die vrij strak open raisen (verhoogde kans dat opponent een tophand heeft), of die moeite hebben met het neerleggen van een marginale hand wanneer ze reeds geld in de hand hebben geïnvesteerd. (Want tja, als jij over de top komt met een zeer speculatieve hand als TSchoppen9Schoppen, dan wil je natuurlijk niet gecallt worden door een AT offsuit – je wilt dat je opponent deze marginale hand gewoon foldt.) En daarbij moet je ook nog goed opletten dat er niet nog een derde speler in de pot is, iemand die bijvoorbeeld lekker met azen of koningen je zit op te wachten in de hoop dat je wederom een push of een shove gaat maken tegen zijn monster.

Kortom: De shove is mooi, sexy, en stoer – maar tegelijkertijd ook levensgevaarlijk. En heeft daarmee dus eigenlijk alles in zich wat het poker zo mooi maakt.

Profiel van Rolf Slotboom

Overzicht van de Columns van Rolf