Het leuke van poker is dat iedereen het kan spelen. Als je naar de huidige pokerprogramma’s – Poker Kampioen van Nederland en Late Night Stars of Poker – op tv kijkt en ziet wie daar dan allemaal aan meedoen, dan is dat een geweldig gezicht. Vanuit alle windstreken en van alle lagen van de bevolking komen er mensen die poker spelen. De één doet dat wat beter dan de ander, maar allemaal hebben ze in feite hetzelfde doel: om een leuke avond te hebben en beter te worden in het spelletje.
Door het spelen van poker krijg je steeds weer nieuwe inzichten in het spel. Iedereen die al wat langer speelt begrijpt wat ik hier mee bedoel. Je gaat door verschillende levels van het spel en ontdekt steeds nieuwe aspecten.
Eerst kijk je eigenlijk alleen maar naar je holecards en wat er op het bord ligt. Je denkt dan nog dat A6 een prachtige starthand is. Dan begin je het spelletje al wat beter te begrijpen en weet je dat een gehitte A met een 6 kicker eigenlijk helemaal niks waard is. Dat je er nooit een grote pot mee kunt winnen, maar er – als je niet oppast – wel een grote pot mee kunt verliezen.
Je leert wat pot odds zijn en ziet dat je vanuit de big blind die all-in moet callen, ook al heb je 7-2 offsuit, omdat je maar 300 hoeft bij te leggen om een 1400 pot te winnen. Die 7-2 waren voorheen zeker de muck in gegaan… dat is immers een hele slechte hand!
Je gaat bepaalde spelsituaties herkenen en ontdekt dat er spots zijn waarin je alleen maar kan folden of raisen, met callen als slechtste van de drie opties. Vervolgens ga je wat meer je tegenstanders bespelen. Je leert ook wat positiespel is en gaat daar ook meer naar handelen.
Het leuke is dat wat je eerst hebt afgeleerd – dat die A6 helemaal niet goed is – nu opeens weer aangeleerd kan worden: in bepaalde situaties kan die hand heel speelbaar zijn.
Doordat deze jonge sport nog zo in ontwikkeling is, moet je je spel ook steeds blijven aanpassen. Bepaalde plays die ooit krachtig waren, zoals c-betten en button stealen, zijn nu zo standaard dat er vaker op teruggespeeld wordt… en daar moet je dan weer een antwoord op verzinnen.
Net zoals in alle andere sporten kun je bij poker ook beter worden, maar dan moet je trainen. Trainen in poker is handen spelen. Doyle Brunson heeft in zijn hele leven ongeveer een miljoen handen gespeeld. Een ‘grote’ internetspeler doet daar nu een maand of vier over. Er zijn heel veel jonge spelers zijn die dag in dag uit niks anders doen dan handen spelen. Dat is niet alleen goed voor hun bankroll, maar ook voor hun training: in rap tempo wordt hun spel beter. De inzichten volgen elkaar in snel tempo op, en waar iemand eerst misschien een jaar nodig had om van beginner op te klimmen naar een degelijk niveau, daar duurt dat nu soms slechts een paar weken.
Ik heb de laatste tijd heel veel getraind. Dit heeft mij vele nieuwe inzichten gegeven in het spel en mijn spel heel erg verbeterd. De resultaten zijn ook goed tot zeer goed en geven veel vertrouwen. Maar: elk toernooi dat je speelt staat op zich en we weten allemaal – helemaal in toernooispel – dat het ook mee moet zitten.
Dit weekend speel ik in Venlo en als het allemaal een beetje meezit denk ik dat ik een goede stap kan zetten naar het verwezenlijken van één van mijn doelen. En als dat niet lukt, dan hoop ik in ieder geval weer wat nieuwe inzichten op te doen.
Elkeweek beschrijft Nicky – Nickname – Roeg, lid van Team Holland Poker,zijn poker ervaringen, kennis, anekdotes en alle andere zaken die hijwil bespreken.









