LIVE REPORTING POKERNIEUWS

 

Het is in de pokerwereld net zo als in de showbizz: slecht gedrag wordt beloond. Waar vroeger de professionals zich vaak voorbeeldig gedroegen, is sinds de intrede van televised poker het juist uitermate lucratief geworden om de “bad boy” te zijn.

In de showbizzwereld weet men het wel, zo langzamerhand. Is een carrière enigszins in het slop geraakt, wel dan is extreem gedrag de oplossing. Neem bijvoorbeeld mensen als Dries Roelvink, Gerard Joling & Patty Brard. Toen ik mijn eerste baantje had als platenverkoper bij Helsloot (zo rond 1992), was Dries al het prototype van de B-ster die wel heel graag hogerop wilde, en zich ook overal aanbood – maar steeds tegen een plafond opliep. Door zich volledig (schaamteloos) bloot te geven, wist hij echter steeds meer naamsbekendheid voor zichzelf te creëren. En in combinatie met zijn leuke, opgeruimde karakter maakte hij zo langzaam maar zeker – in ieder geval wat bekendheid betreft – de stap naar de A-status. Bij Gerard Joling ging het niet veel anders. Ook hij gebruikte exhibitionisme en het creëren van relletjes voor een hernieuwde “Ticket to the Tropics”, en blies zo een carrière die al schijnbaar over was toch weer nieuw leven in. Een recept dat ook Patty Brard niet vreemd voorkwam: Door extreem divagedrag, of door open en bloot ruzies uit te vechten danwel cosmetische ingrepen te doen, werd zij ineens de “Koningin van het Klysma” – en was ze plotseling weer welkom om in ieder programma op te draven.

Voor de knappe dames die in de vergetelheid dreigen te geraken is daar natuurlijk nog altijd het alternatief van de obligate Playboy-shoot (al even obligaat voorafgegaan door de lange onderhandelingsstrijd tussen de ster en het blad, met als motto: doet ze het of doet ze het niet?), die de dame in kwestie moet verzekeren van toch weer enige maanden in de schijnwerpers. In Hollywood gaat men gewoonlijk een stapje verder. Het leuke maar leeghoofdige party-meisje Paris Hilton transformeerde in één klap tot A-merk middels de zorgvuldig gelekte homevideo One Night in Paris. En toen ook Pamela Anderson liet zien dat een in het slop geraakte carrière eenvoudig kan worden gered als je maar in staat bent om zeer grote apparaten op subtiele wijze naar binnen te laten glijden, tja toen was er geen houden meer aan. Ineens lijkt het wel of er meer pornovideo’s uit de privé-collectie ‘per ongeluk’ worden weggelekt dan dat er in Hollywood überhaupt nog films worden gemaakt.

In de pokerwereld is het al niet anders. De media-aandacht en de aandacht van het publiek gaan in eerste instantie uit naar spelers met de volgende karakteristieken:

  • Jonge, sexy meisjes. Hoe meer deze dames duidelijk maken dat ze ‘beschikbaar’ zijn, of hoe meer van hun lichaam ze aan het publiek wensen te tonen, des te groter de aandacht.
  • Stoere party-animals die geld uitgeven als water. Hoe brakker ze verschijnen op hun toernooien (“tja, het was weer eens laat geworden gisteren”), des te beter het is voor hun street-credibility – en dus de ook voor aandacht die zij genereren.
  • Bad boys die continue hun tegenstanders afzeiken, of die zich anderzijds niets lijken aan te trekken van regels en etiquette. Diezelfde TV-stations die doelbewust een heel regiment camera’s hebben geplaatst om zo dicht mogelijk te kunnen inzoomen op de onvermijdelijke eruptie van de betreffende speler, spreken dan na afloop gewoonlijk schande over het vertoonde gedrag – terwijl ze intussen natuurlijk zitten te likkebaarden over de mogelijke piek in de kijkcijfers.

Er gaat geen show voorbij zonder dames met uitpuilend decolleté, of waarbij mannen als Hevad Khan, Mike Matusow, Tony G en Phil Hellmuth alle tijd en gelegenheid krijgen om de show te stelen ten koste van hun opponenten. Gevolg: Doordat ze veel meer media-aandacht genereren – soms met speciaal voor hen geproduceerde “Bad Boys of Poker”-achtige shows – dan veel ‘fatsoenlijker’ spelers van hetzelfde niveau, zijn ze dus ook interessanter voor sponsors. En daarmee verkrijgen ze dus feitelijk positive reinforcement voor hun onsportieve, danwel laakbare gedrag.

Toen een modelspeler als Rob Hollink in maart 2005 de eerste Europese Kampioen ooit geworden was, was er geen enkele (!) site geïnteresseerd om hem te contracteren. Hij behoorde speltechnisch tot de absolute top van Europa, en was bovendien ook als persoon zeer interessant – iemand die middels onderkoelde humor of intelligente opmerkingen het niveau van de conversaties aan tafel meestal wel deed stijgen. Maar de TV-zenders waardeerden deze kwaliteiten kennelijk niet. Gevolg: Als regerend Europees kampioen moest Rob ook tijdens het nieuwe seizoen gewoon zelf alle buy-ins betalen. En dit terwijl blagen die nog niet eens zijn veters mochten strikken (maar die wel heel hoog van de toren bliezen, of die zich op hippe feestjes lieten omgeven door allerlei sexy dames) wel een financiële topdeal wisten binnen te halen.

Misschien is het gewoon een teken van de tijd. Of misschien zijn we wel in ontwikkeling, en is dit slechts fase 1 in een stappenplan waarbij eerst zogenaamd ‘kleurrijk’ gedrag wordt belicht, om dan langzaam maar zeker het publiek warm te maken voor waar het echt om gaat: pure kwaliteit.

Ik denk het echter van niet. Ik denk dat zowel in het ‘echte’ leven als in de pokerwereld, we op een hellend vlak naar beneden zitten. Een neerwaartse spiraal dus – waarbij bashing, image en exhibitionisme het ook op termijn zullen blijven winnen van subtiliteit, kwaliteit en fatsoen.

Iedere week verschijnt de column van Rolf Slotboom op PokerCity. Rolf is een van Nederlands beste pokerspelers en tevens een internationaal gewaardeerd schrijver van pokerboeken en artikelen.