Met de meeste Nederlandseof zelfs Europese toppers heb ik nu zo langzamerhand wel voldoendespeelervaring in de live toernooien. En daarover heb ik al meer dan genoegverhalen geschreven, lijkt mij zo – denk maar aan de vele columns en artikelenwaarin mannen als Marcel Lüske, Rob Hollink, Ed de Haas, Dario Minieiri en GusHansen voorkomen.
Nu op de World Serieskomen daar natuurlijk ook de Amerikaanse / Canadese wereldtoppers bij. Vorigjaar had ik al uitgebreide speelervaring met bijvoorbeeld Erick Lindgren, diein een pot-limit Omaha toernooi een tactiek hanteerde waarbij hij met ruim 50%van zijn handen open-limpte, die oprecht een heel gezellige gast is aan tafelen die door zijn speelstijl en zijn tablebanter helpt de tafel veel losser te maken dan gebruikelijk op de WSOP. (Zijnmaatje Daniel Negreanu begroette me zelfs extreem joviaal bij de $10,000 7 cardstud Championship, door bij het zien van mij direct op me af te lopen. Met eenwelgemeend “Hey Rolf! Great to see you here, buddy. Didn’t know you guys playedstud in Austria!” gaf hij aan dat er bij hem op topografisch gebied weliswaarnog enige verbetering te boeken is – maar hij gaf mijn Ego wel degelijk eenaanzienlijke boost, dat spreekt voor zich.) Heel wat anders dan bijvoorbeeldHuck Seed, die in het $10,000 pot-limit Omaha toernooi vorig jaar toch vooralheel nors zat te zijn. En die, toen ik zijn pot reraise tegen mij correctgelezen had voor een rundown hand in plaats van de AA die hij probeerde terepresenteren (en derhalve besloot met mijn zeer marginale A
Q
J
T
hem wederomte re-reraisen in plaats van te folden), ineens mij de les ging lezen nadat hijmet zijn 8765 single-suited erg lucky de pot had gewonnen. Het feit dat hij uitpositie met een acht-hoog 70% van zijn stack erin had gekregen voor de flop, enzelfs nadat hij all-in was gegaan op de flop hij nog steeds een underdog was tegenmijn hand – wel, daarover hoorde ik hem niet. Of enige credit geven voor mijnmooie read en gedurfde spel – wel, dat kwam natuurlijk al helemaal niet over denorse lippen van de Full Tilt ster.
Net zo min natuurlijk alsvorig jaar bij mijn encounter met Eric Fröhlich. Deze jonge bracelet winner hadmij in drie uur tijd nog geen hand zien spelen, en toch maakte hij eeninsta-call voor als zijn chips met een AK offsuit tegen mijn reraise shove –een play die gezien deze speelgeschiedenis toch niet per se de optimale hoefde tezijn. Achteraf bleek zijn beslissing welcorrect, want tegen mijn 9
8
lag hij 6 tegen 4 voor – hoewel hij uiteindelijkde hand toch zou verliezen. De woorden van disrespect richting mij die zelfsdagen later nog over zijn lippen kwamen getuigden van weinig sportiviteit, vaneen gering relativeringsvermogen en van vooral veel sour grapes. Zoals zo veel jonge Internetpokeraars klonk ook hierweer het bekende “ik ben geweldig, en als ik mijn tegenstander niet ken zal hetwel een donk zijn” of “als ik een grote pot verlies wel dan heeft mijn tegenstandergewoon geluckboxt” dat mijns inziens niet geheel overeenstemt met de realiteitvan het live toernooipoker.
Leuker was het dit jaarmet Antonio Esfandiari. Ik had nog maar net een artikel van hem gelezen waarinhij schreef dat hij zijn honger voor het spel weer volledig had teruggevonden,en dat hij voor deze World Series gretiger was dan ooit. Wel, klaarblijkelijkzo gretig dat hij in de limit / no limit hold’em mix zo laat arriveerde dat vanzijn 10,000 stack nog slechts 8,200 (!) over was. Net op tijd om in de smallblind zijn starthand levend te houden, callt hij vervolgens met Q
J
een earlyposition raise van (de in limit hold’em zeer tighte open raiser, want door zijnEngelse achtergrond niet echt heel ervaren in dit spel zijnde) Peter Gould omvervolgens op een flop QT8 een berg chips te verliezen tegen Gould’s KK.“Welkom aan tafel, Antonio!” grijnzen zijn opponenten, Phil Laak komt nog evennaar de tafel rennen om ons te verzekeren dat we wat hem betreft Antonio echtzo snel mogelijk mogen busten, en de Magician zelf…. Wel, die grijnst terug enstuurt een mooie dame erop uit om voor hem een lekkere maaltijd te halen “maardan zonder uitjes – want daar houd ik niet van.” Poker like a Rock Star!
Opvallend is verder datde Echte Sterren aan tafel toch vooral met elkaarpraten. De genoemde tafel met Antonio Esfandiari had verder nog MichaelBinger, Robert Mizrachi en Andy Bloch… en feitelijk de enige communicatie diezij hadden was met elkaar. Als ik of iemand anders een potje won dan keek meneventjes op of de hand al dan niet goed was uitgespeeld… om daarna gewoon weerverder te gaan met de onderlinge communicatie. Het mooiste voorbeeld daarvan wasin het $10,000 pot-limit hold’em toernooi, toen ik naar de tafel van Phil Iveywerd verplaatst – een tafel met eigenlijk alleen maar Echte Sterren. Ik kwamdaar zitten met mijn kleine stackje, en aangezien ik vrij onbekend ben bij de groteAmerikaanse toernooipros keek eigenlijk niemand op of om. Pas toen ik een handprachtig uitspeelde tegen een andere topper waarbij ik zowel turn als river betscallde met slechts een unimproved AK (en won), en vervolgens tot twee keer toeIvey succesvol reraiste, wel toen ging bij de altijd zo expressieloze Tiger Woods of Poker eventjes zijnwenkbrauw een stukje omhoog – en keek hij zowaar een micro-seconde mijn kant opom te analyseren wie nu precies die brutale gast was met die te grote muts endie rare bril.
En tja, nog niet deeluitmakend van zijn high-rolling circle offriends, was dat waarschijnlijk het grootste compliment wat ik kon krijgen.
Iedere week verschijnt de column van Rolf Slotboom op PokerCity. Rolf is een van Nederlands beste pokerspelers en tevens een internationaal gewaardeerd schrijver van pokerboeken en artikelen.









